Textiel
als tekst.
Maya-klederdrachten en hun boodschap
De totale
Maya-bevolking wordt tegenwoordig op meer dan 6.000.000 geschat, iets
meer dus dan er Vlamingen zijn. Zij spreken 28 talen en bewonen een
gebied dat zich uitstrekt van de Zuidelijke staten van Mexico over
Guatemala en Belize tot het noorden van Honduras en El Salvador.
De hedendaagse
Maya-cultuur is het resultaat van bijna vijfhonderd jaar contact tussen
de inheemse bevolking en de westerse wereld. In die uitwisseling speelt
textiel, vroeger en nu, een prominente rol.
Vergelijken we de
kleding van de precolumbiaanse Maya op vazen, codices en reliëfs met
die van hun hedendaagse nakomelingen, dan merken we een opvallende
continuïteit, zeker wat de vrouwen betreft. De huipil
(mouwloze bloes) vinden we bij nagenoeg alle Maya-groepen. De rok is
doorgaans een rechte buis, als wikkelrok gedragen en opgehouden met een
geweven gordel rond de heupen. Traditionele Maya-kleding is nu, net zo
min als vroeger, op maat gesneden, maar bestaat uit rechthoekige panden,
die rond het lichaam worden gewikkeld en dus een minimum aan naaiwerk
vereisen. Dit heeft alles te maken met het weven op het heupgetouw dat
al meer dan tweeduizend jaar zowel in Noord- als Zuid-Amerika in zwang
is. Dit getouw beperkt de breedte van de weefsels tot de reikwijdte van
de weefster en laat ook slechts een beperkte lengte toe. Voordeel is dat
het weven minder planning vergt dan een Europees trapgetouw en het de
weefster toelaat haar verbeelding tijdens het creatieproces de vrije
loop te laten. Het resultaat is doorgaans een vrijer en ingewikkelder
patroon, met een ritmisch geheel van motieven.
Zeker voor feestelijke
gelegenheden wordt er veel belang gehecht aan het kapsel dat met
kleurige banden tot indrukwekkende composities wordt opgebonden en/of
met linten doorweven. Als je de haartooi van sommige hedendaagse
Maya-vrouwen vergelijkt met een Jaina-beeldje uit ca. 650 na Chr., is de
overeenkomst verbluffend!
 |
 |
| Aardewerk,
beeldjes Eiland Jaina ca.650 nC |
Vrouw
met haarband, Tamahú 1994 |
 |
 |
|
Meisje
uit Nebaj |
Bij de
mannenkledij is het verschil met de precolumbiaanse periode veel groter.
Voornaamste kledingstuk was toendertijd de lendendoek. Maar dat vonden
de Spanjaarden een veel te onzedige bedekking. Er werden allerlei vormen
van broeken, "pantalones",
hemden, vesten en hoeden opgelegd. Toch hebben wikkelrok en hoofddoek
zich nog op enkele plaatsen gehandhaafd. De hoofdbedekking wordt zelfs
nog veelvuldig gedragen bij de ceremoniële kledij van de "cofradías". |