Vlaams Belang-politicus Johan Demol heeft gelijk gekregen van het Antwerpse hof van beroep. De auteurs van het boek Het gevaar Demol (Epo, 1998) hebben volgens de rechtbank "de eer en de goede naam" van de vroegere politiecommissaris van Schaarbeek aangetast en werden veroordeeld tot de publicatie op hun kosten van het arrest in De Morgen.
Zeven jaar na het verschijnen van het boek velde het hof van beroep een arrest, dat zowel door de eisende partijen als door de verdediging "verrassend" werd genoemd. De auteurs van het boek, Ron Hermans en Eric Goemans, werden door de extreem-rechtse politici Johan Demol en Filip De Man voor de rechtbank gesleept omdat ze stelden dat het boek bulkte van de onjuistheden. Daarom eisten ze een schadevergoeding van 260.000 euro. Hun eis werd op 9 mei 2003 ongegrond verklaard door de rechtbank van eerste aanleg, waarna Demol en De Man in beroep gingen. Hermans was vroeger journalist voor Trends en De Morgen en werkt nu als woordvoerder van Groen! Goeman is woordvoerder van de andersglobalistenvereniging Attac. Samen schreven ze eind jaren negentig een boek over Demol, de omstreden voormalige politiecommissaris van Schaarbeek, die ontslagen werd en nu in het Brusselse Parlement zetelt voor het Vlaams Belang.
Volgens het arrest hebben Hermans en Goeman zich schuldig gemaakt aan "insinuaties" en "onvoldoende gecontroleerde beweringen" om Demol moedwillig in een ongunstig daglicht te zetten. "Die verdachtmakingen kunnen niet worden geduld", stelde de rechtbank. Daarom heeft Demol volgens de rechtbank in principe recht op een schadevergoeding. Die werd hem echter niet toegekend, zelfs niet voor een symbolische frank. De auteurs werden enkel veroordeeld tot de publicatie, op hun kosten, van het arrest en dat enkel in De Morgen. VB-parlementslid Filip De Man, die zelf een boekje publiceerde waarin hij uitgebreid de lof zong van Demol, had klacht ingediend tegen de auteurs omdat ze volgens hem stukken van zijn tekst zonder zijn toestemming zouden hebben overgenomen en dus "plagiaat" hadden gepleegd. De eis van De Man werd afgewezen.
Enkele weken geleden had advocaat-generaal André Van Ingelgem, die optreedt als openbaar aanklager, nog brandhout gemaakt van de argumenten van Demol en De Man. Dat de mening van de auteurs de klagers niet aanstaat, is nog geen reden om ze te veroordelen wegens smaad en laster, schreef de openbare aanklager in zijn advies. "Een mening of opinie is immers in de ruime zin van het woord waar noch onwaar", stelde Van Ingelgem. "Alleen totalitaire regimes pretenderen het monopolie te hebben van ware ideeën."
Bovendien moeten politici een grotere verdraagzaamheid aan de dag leggen ten aanzien van opiniërende commentaren in de pers. "In een democratie moet men vanwege het publieke karakter van het ter discussie staande onderwerp de dingen bij hun naam kunnen noemen", argumenteerde de advocaat-generaal.
Advocaat Jos Vander Velpen, die de verdediging waarnam van Hermans en Goeman, toonde zich verbaasd over de argumentatie van het arrest. De rechtbank gaf slechts twee of drie voorbeelden van de beweerde "insinuaties" en verwees daarbij naar passages in het boek die gebaseerd zijn op de rapporten van de tweede parlementaire onderzoekscommissie naar de Bende van Nijvel. "Het is nogal kras dat men officiële rapporten bestempelt als laster", zei Vander Velpen achteraf. Zijn tegenstander, advocaat Erland Pison, tevens VB-lid van het Brusselse parlement, was ook verrast. "We hadden hoge bedragen gevraagd, om duidelijk te maken dat het menens was", zei hij. "Maar geld heeft nooit geprimeerd. De eer en de goede naam van een politicus vallen niet te becijferen. Van belang is dat de rechtbank heeft geoordeeld dat de auteurs te ver zijn gegaan. Pas op, wij zijn ook voor de vrije meningsuiting. Maar er is een fundamenteel verschil tussen vrije meningsuiting en beweren dat Demol bij criminele feiten betrokken was."
De Morgen van 12 oktober 2005.