MINISTERIE VAN JUSTITIE

3 OKTOBER 2000. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de personeelsformatie van de buitendiensten van het Directoraat-generaal Strafinrichtingen



ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op artikel 107, tweede lid, van de Grondwet;
Gelet op het met redenen omkleed advies van 7 september 2000 van het Hoog Overlegcomité, sector III-Justitie;
Gelet op de adviezen van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 15 september 1998, 25 maart 1999, 30 en 31 maart 2000, en 25 april 2000;
Gelet op het akkoord van Onze Minister van Begroting, gegeven op 7 september 2000;
Gelet op het akkoord van Onze Minister van Ambtenarenzaken, gegeven op 7 september 2000;
Op de voordracht van Onze Minister van Justitie,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :


Artikel 1. 1. De personeelsformatie van de buitendiensten van het Directoraat-generaal Strafinrichtingen wordt als volgt vastgesteld :

Administratief personeel

Niveau 1

 

Regionaal directeur

2

Eerstaanwezend directeur

42

Geneesheer-antropoloog-directeur

2

Psycholoog-directeur

8

Adviseur

2

Directeur

58

Geneesheer-antropoloog

6

Apotheker

2

Psycholoog

75

Sociaal arbeidsinspecteur

8

Adjunct-adviseur

34

Industrieel ingenieur

7

 

Niveau 2+

Eerstaanwezend paramedicus

} 136

Paramedicus

Eerstaanwezend maatschappelijk assistent

} 78

Maatschappelijk assistent

Eerstaanwezend boekhouder

} 50

Boekhouder

   

Niveau 2

 

Bestuurschef

79

Bestuursassistent

184

Hoofdpenitentiair assistent

39

Penitentiair assistent

} 93

Adjunct-penitentiair assistent

Hoofdtechnisch assistent

90

Technisch assistent

} 213

Adjunct-technisch assistent

   

Niveau 3 Niveau 3

 

Kwartierchef

934

Penitentiair beambte

3 737

Klerk

61

 

2. De hierna vermelde betrekkingen worden afgeschaft bij het vertrek van de titularis ervan :

Apotheker-directeur of Apotheker (VL)

2

Verpleegassistent

32

Bestuurschef, bezet door de ex-titularis van de geschrapte graad van beheerder van de autodienst

1

   

In de hierna vermelde betrekkingen van 1 kan slechts worden voorzien wanneer de betrekkingen uit het eerste lid zijn afgeschaft :

Apotheker

2

Paramedicus

32

Industrieel ingenieur

1

Art. 2. 1. Het aantal betrekkingen van hoofdbewaarder in uitdoving, van adjunct-penitentiair assistent en van penitentiair assistent mag de 93 betrekkingen niet overschrijden.

2. Het aantal betrekkingen van hoofdtechnicus in uitdoving, van adjunct-technisch assistent en van technisch assistent mag de 213 betrekkingen niet overschrijden.

3. Het aantal betrekkingen van bewaarder in uitdoving en van penitentiair beambte mag de 3.737 betrekkingen niet overschrijden.

Art. 3. 1. In de hierna vermelde betrekkingen van artikel 1, 1, mag slechts worden voorzien wanneer de arbeidsposten van contractuelen waarvoor ze in de plaats komen, afgeschaft werden door het vertrek van de leden van het contractueel personeel die ze bekleden :

Geneesheer-antropoloog

3

Psycholoog

39

Sociaal arbeidsinspecteur

8

Adjunct-adviseur

7

Industrieel ingenieur

1

Eerstaanwezend paramedicus

} 51

Paramedicus

Eerstaanwezend maatschappelijk assistent

} 30

Maatschappelijk assistent

Eerstaanwezend boekhouder

} 1

Boekhouder

Bestuurschef

7

Bestuursassistent

14

Adjunct-technisch assistent

20

Penitentiair beambte

260

2. Indien drie jaar na het van kracht worden van dit besluit, de in 1 beoogde betrekkingen vacant zijn gebleven, worden ze in artikel 1, 1, afgeschaft, behalve de 260 betrekkingen van penitentiair beambte.

3. De Inspecteur van Financiën moet vóór de bezetting van de betrekkingen vaststellen dat de voorwaarde vermeld in 1 vervuld is.

Art. 4. Definitief vacante betrekkingen onder die welke in artikel 1, 1, zijn opgenomen kunnen worden beschouwd als bezigingsbetrekkingen voor militairen ter uitvoering van de wet van 20 mei 1994 betreffende de beziging van militairen, mits voorafgaand akkoord van de Minister van Ambtenarenzaken over hun aantal en de graden waarmee ze overeenstemmen.

Er kan in deze betrekkingen niet voorzien worden tijdens de periode van beziging van de militairen.

Art. 5. Personeel niet onderworpen aan het statuut van het rijkspersoneel.

1. De hierna vermelde betrekkingen worden afgeschaft bij het vertrek van de titularis ervan :

Geneesheer-directeur G.H.C. (deeltijds)

1

Geneesheer-antropoloog-hoofd van dienst (deeltijds)

2

Geneesheer (deeltijds)

26

Adjunct-geneesheer (deeltijds)

3

Geneesheer-antropoloog (deeltijds)

14

2. De hierna vermelde betrekkingen worden afgeschaft op de datum van inwerkingtreding van een koninklijk besluit houdende de oprichting van een aalmoezeniersdienst :

Hoofdaalmoezenier

1

Aalmoezenier

31

Adjunct-aalmoezenier

9


Art. 6. Het koninklijk besluit van 16 maart 1999 tot vaststelling van de personeelsformatie van de buitendiensten van het Directoraat-generaal Strafinrichtingen wordt opgeheven.
Art. 7. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2000.
Art. 8. Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit.


Gegeven te Brussel, 3 oktober 2000.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Justitie,
M. VERWILGHEN
De Minister van Begroting,
J. VANDE LANOTTE

Publicatie : 2000-10-12


KlinPsy - Wetgeving